Vechten op blote voeten
Wat moet ik doen? Ik zou sokken aan kunnen doen, maar wie vindt het erg als ik op blote voeten loop?
De hagelslag is er. Je t-shirt zit verkeerd om, zei de postbode. Dubbel-verkeerd-om. Alsof ik niet snapte wat hij zei legde hij het uit, dat dubbel-verkeerd-om.
Ik wil slapen. Nee. Ik moet vechten.
Als ik de deur van mijn kamer open doe, stormt het in huis. Ik blijf wel binnen, goed hoor.
Daar zit ik. Ik vecht tegen de jeuk, de pijn en de slaap. De deur moet dicht blijven en mijn voeten bloot. In het midden van mijn kamer staat de kartonnen doos waar de hagelslag in zat. Witte piepschuim korrels zijn het nu alleen. Alsof hagelslag breekbaar is.
Mijn hoofd is leeg. Ik denk aan een tekening die ik zou moeten maken. Een tekening van een meisje dat in haar eigen buikje bokst. Ze vecht.
Ik moet wat doen!, beveel ik mijzelf. Iets ánders dan thee zetten en de restjes opeten!
Ik sta op, en loop naar de doos. Met mijn blote voeten sta ik tussen de piepcorns.
Maar dát is goed zeg.